Column



Door Jan de Lange

06 2004

Tussen psychiater en kunstenaar? Een geschiedenis van de creatieve therapie in 200 (en twee) publicaties


Deel 3

Eb en vloed
Vanaf de jaren zeventig treden belangrijke veranderingen op, lezen we zowel in het artikel van Wertheim-Cahen als dat van Berman & Cleven. De auteurs brengen die periode niet in beeld, al beloven Berman & Cleven dit nog eens te zullen doen. Zien we die belangrijke veranderingen in de jaren zeventig nu ook terug in aantal en aard van de publicaties op vreemde bodem? Werd er vanaf eind jaren zestig als gevolg van de professionalisering nu juist meer in deze tijdschriften geschreven, of minder (maar meer in eigen tijdschrift)?
In figuur 3 ziet u het verloop over die vijftig jaar, weergegeven in periodes van 5 jaar. (Door een preciesere telling wijken de getallen overigens enigszins af van die in mijn artikel in Actuele Themata uit de Psychomotorische Therapie 2004.)




Figuur 3. Treffers CT en PMT in alle tijdschriften


Inderdaad zien we een belangrijke verandering vanaf de jaren zeventig. Het aantal treffers per periode stijgt explosief, om een piek te bereiken tussen 1982 en 1986. Met vijftien treffers is 1982 het beste jaar. Daarna neemt het aantal af, om in de periode 92-96 toe te nemen en vervolgens weer te dalen.
Misschien verrast het u te zien dat er na een kleine opleving begin jaren negentig, toch weer een daling te zien is. Is er in die periode niet juist een stap vooruit gemaakt in de beroepsontwikkelingen, leidend tot de huidige status van vaktherapeut? Of betekent de daling dat de wereld rondom de vaktherapieën zich nog sneller ontwikkelde en dat vaktherapeuten achterop kwamen te liggen? Het is belangrijk om u te realiseren dat het boek Vakwerk onder meer verschenen is omdat andere professionals in de GGZ onvoldoende bekend waren met de producten op het gebied van de vaktherapie (Van Hattum en Hutschemaekers, 2000). Willen vaktherapeuten de andere professionals in de GGZ zo goed mogelijk informeren over vaktherapie, dan is een afname van publicaties in de GGZ vaktijdschriften niet wenselijk.

Die afname is niet gelijk verdeeld over de verschillende tijdschriften, sterker nog, het Maandblad voor Geestelijke volksgezondheid laat in de laatste perioden weer een duidelijke toename zien (figuur 4).



Figuur 4. Treffers PMT en CT samen


Omdat het om een vergelijking gaat, heb ik voor het overzicht de eerste drie perioden (46-60), waarin alleen het MGv verscheen, weggelaten. Natuurlijk roepen deze trends vragen op. Wat is er veranderd in de GGZ en haar periodieken dat vaktherapieën vanaf de jaren tachtig niet langer in het NTP verschijnen maar juist vaker in het MGv? Is deze trend binnen het NTP nu een late illustratie van de constatering van Berman & Cleven dat psychiaters betrokken waren bij de ontstaansgeschiedenis van de creatieve therapie, maar begin jaren zeventig de vereniging verlieten? Of bleven psychiaters over het de creatieve therapie schrijven, maar deden zij dit in andere periodieken?
Welke van deze twee trends (van MGv of NTP) vinden we nu terug in de twee andere tijdschriften?



Figuur 5. Treffers CT en PMT samen



Het dieptepunt in de periode 87-91 wordt door een dip in alle tijdschriften veroorzaakt. De daling bij het NTP zet door, de andere tijdschriften laten weer een stijging zien, die alleen bij het MGv blijvend is. Nader onderzoek is nodig om al deze trends te verklaren. Werden publicaties over vaktherapie bijvoorbeeld door de redacties van de tijdschriften afgewezen, of boden steeds minder auteurs artikelen over vaktherapie aan? En waarmee had dit te maken? Was een en ander gevolg van een striktere beroepsafbakening en/of van een verandering binnen de redacties die meer evidence based publicaties wilden? Of werden artikelen vaker aangeboden aan de eigen vaktijdschriften?
We hebben hierboven fluctuaties in aantallen publicaties over vaktherapie in kaart gebracht. Een interessante vraag is, welk aandeel de beroepsgroepen afzonderlijk in schommelingen hebben. In figuur 6 is weergegeven het verloop in treffers PMT en CT er uit ziet (artikelen die zowel over PMT als CT gaan, zijn hierin niet opgenomen).






Figuur .6 Treffers CT óf PMT in alle tijdschriften


Denken we nog even aan de onderzoeken van Berman & Cleven en Wertheim-Cahen, dan zien we dat in de eerste twintig jaar zo'n 26 treffers op gebied van de creatieve therapie te vinden zijn. Heel wat meer dan Wertheim-Cahen gebruikt om het ontstaan van het vakgebied in kaart te brengen. Op grond van hun bevindingen stellen Berman & Cleven dat de persoon van L. Vaessen een belangrijke rol speelde bij het ontstaan van het vakgebied. Om alvast een voorschotje te nemen op een inhoudelijke analyse van het gevonden materiaal, vermeld ik hier dat er in onderhavig onderzoek vijf publicaties van Vaessen te vinden zijn. Daarmee is hij een van de productiefste auteurs uit mijn onderzoek. Het zou heel terecht geweest zijn, als van hem een artikel was opgenomen in het jubileumtijdschrift!
Ik kan op geen enkele manier een uitspraak doen over de betekenis van de aantallen in absolute zin. Ik heb geen maatstaf om te concluderen dat de gevonden aantallen hoger, lager of precies zijn wat men mag verwachten van een discipline als de creatieve therapie. Het is echter wel mogelijk om een vergelijking te maken met de psychomotorisch therapeuten, die toch gezien worden als het meest nabije familielid.
Tot aan de jaren tachtig scoorde de creatieve therapie beter dan de psychomotorische therapie, om daarna het stokje over te geven. Vanaf halverwege de jaren negentig daalt het aantal treffers creatieve therapie, terwijl het aandeel psychomotorische therapie juist stijgt. De daling van treffers creatieve therapie komt in alle tijdschriften voor. Bij de psychomotorisch therapeuten is die daling minder uitgesproken en is in het MGv zelfs een duidelijke stijging te zien.

Einde deel 3.
Deel 4 (slot) volgt in juli.



Zoeken

    Zoek

Feedback?   ons!

Volg ons via Follow PMT Info Site on Twitter

Nieuw op de site:

  • 02/02/12: oefenvormen: Onder het thema samenwerking is de oefening Spinnenweb geplaatst. Door Iriah.
  • 30/01/12: activiteiten: Zaterdag 31 maart: Masterclass Mindfulness, te Deventer, als therapeut verbinden met je denken, voelen en intuïtie.

Design/automatisering

Deze site en al de achterliggende automatisering is gemaakt door Specialist in webdesign, automatisering en cognitieve ergonomie