Gast auteur PMT Info Site

mei 2003




De rek eruit


Eric van der Meijden en Henri Zopfi.


Dit artikel is ook gepubliceerd in de bundel 'Terug naar de toekomst' (Konsten & Peeters, 2002) waarin de bijdragen aan de studietweedaagse van de NVPMT november 2002 zijn opgenomen. Illustraties uit het oorspronkelijk artikel konden niet worden overgenomen.

1.Inleiding
De titel van deze workshop geeft de kern van burnout aan. Iemand heeft in de loop van de jaren zoveel gegeven, er is zo hard aan hem getrokken en hij heeft zo vaak zijn grenzen verlegd, dat uiteindelijk de rek eruit is. Het is te vergelijken met een elastiek dat langere tijd onder spanning heeft gestaan waarbij de elasticiteit op den duur verloren gaat en het elastiek daarom wordt afgedankt. Iemand die burnout is voelt zich slap, zwak, uitgemolken, zonder enige dynamiek. De van oorsprong bij ieder mens aanwezige elasticiteit, is verdwenen. De medewerker voelt zich opgebrand en afgedankt .
In deze workshop willen wij jullie op de hoogte brengen van onze ontwikkeling in het schrijven van de module: 'P.M.T. bij werkgerelateerde problematiek'. Wij starten vanuit enkele theoretische uitgangspunten van waaruit beschreven wordt wat wij verstaan onder burnout en pmt. Daarna bekijken we de mogelijkheden die pmt kan bieden bij behandeling van burnout in relatie tot de herstelfasen in het burnout proces, en geven een eerste opzet van een concrete aanpak van burnout door middel van pmt. Tenslotte willen wij vragen en dilemma's, die wij tijdens het schrijven zijn tegen gekomen, aan jullie voorleggen.

2.Burnout
Burnout wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand ziek is in relatie met zijn werk. Naast burnout zijn er in de loop der jaren een veelheid aan andere ziekte begrippen gebruikt in samenhang met werk zoals: RSI, burnout, overspannen, ME, surmenage, fibromyalgie, whiplash, zwabberarm en spoorwegziekte. Binnen de ziektebeelden lijkt stress een begrip te zijn wat bij alle ziektebeelden te herkennen is. Stress is van oorsprong een begrip uit de bouwkunde dat te maken heeft met de verhouding draagkracht en draaglast.

Er is positieve stress nodig om iets te kunnen realiseren en daarmee kan zelfs energie opgebouwd worden. Om gezond te blijven is een biologische/psychologische/sociale balans noodzakelijk. Daarom is het van belang na een periode van negatieve stress voldoende 'rust' in te bouwen om weer te kunnen herstellen en zelfs reserve op te kunnen bouwen.

Als bij mensen de draaglast te groot wordt is er sprake van negatieve stress wat kan leiden tot uitputting en ziekte. Dit is te beschouwen als een verstoring van de natuurlijke balans tussen draagkracht en draaglast. Bij een ernstige langdurige verstoring van de balans waarbij de persoon onvoldoende hersteld kan dat zelfs leiden tot vrijwel onherstelbare schade bijv. op hormonaal niveau.
Als bij mensen de draaglast te groot wordt is er sprake van negatieve stress wat kan leiden tot uitputting en ziekte. Dit is te beschouwen als een verstoring van de natuurlijke balans tussen draagkracht en draaglast. Bij een ernstige langdurige verstoring van de balans waarbij de persoon onvoldoende hersteld kan dat zelfs leiden tot vrijwel onherstelbare schade bijvoorbeeld op hormonaal niveau.

Aanleidingen tot het ontstaan van negatieve stress kunnen zijn:
de ongezonde werksituatie, chronische belastende omstandigheden bijv. in de privé situatie, ingrijpende levensgebeurtenissen en dagelijkse stress situaties.

Het zijn echter niet de stresssituaties die leiden tot negatieve stress maar de reactie van iemand en de mate waarin iemand sociale steun vraagt en krijgt, bepalen of er uiteindelijk klachten ontstaan. De mate waarin iemand in staat is te relativeren, grenzen kan aangeven, hulp kan vragen en een situatie interpreteert, zegt iets over de persoonlijke stijl in het omgaan met problemen ook wel coping strategie genoemd. Hoe iemand reageert wordt mede bepaald door opvoeding, normen en waarden.

Negatieve stress kan zich op verschillende manieren uiten en kan leiden tot een gedifferentieerd klachtenpatroon dat verneembaar wordt in denken, voelen en handelen.De volgende klachten/reacties op negatieve stress worden vaak genoemd:
-Fysieke reacties: vage klachten, lage rugklachten, duizelig, vermoeid bloeddruk, uitgeput, slaapproblemen, grieperig, hoofdpijn, verstoorde hormoonhuishouding,
-Gedragsreacties: langer werken, terugtrekken, gehaast, chaotisch, wantrouwend, meer roken niet kunnen ontspannen, besluiteloosheid
-Psychische reacties: schuldig voelen t.o.v. werk en privè onzeker, gekrenkt, vernederd voelen, geïrriteerd, pessimistisch, vergeetachtig, lusteloos, gespannen, zelfkritiek,
-Gevoelsreacties: angstiger, onrustgevoelens, sneller huilen, sneller geïrriteerd raken, plotselinge stemmingswisselingen, hulpeloosheid, achterdocht, onberedeneerde angsten.

Om te komen tot een eenduidige hantering van begrippen zal ook gekeken dienen te worden naar de onderliggende concepten en naar verklaringsmodellen van ziektebeelden gerelateerd aan werk. Op dit moment worden begrippen als stress, overspannen en burnout door elkaar gebruikt hetgeen onduidelijkheid schept t.a.v. diagnostiek en behandeling. Steeds meer worden werkgerelateerde ziektebeelden bekeken vanuit een bio-, psycho-, sociaal model. Hierbij zijn vooral in de behandeling grote accentverschillen te constateren. Sommigen gebruiken het lichamelijke als insteek van de behandeling anderen hanteren een gedrags-matige aanpak. Het meest passend lijkt een aanpak op de drie genoemde modaliteiten.

Om enige ordening aan te brengen in de terminologie hanteren wij op dit moment de begrippen: stress, overspannen en burnout als een glijdend model, waarbij burnout het meest ernstige toestandsbeeld vormt. In de door ons te ontwikkelen module zullen wij in eerste instantie ons richten op burnout. Het begrip is door Freudenberger geïntroduceerd in 1974.
Burnout betekent letterlijk opgebrand. In de omschrijvingen van burnout leggen sommigen de nadruk op de aanleiding of oorzaak(zoals de beschreven hoge werkdruk) en anderen meer op het klinisch beeld. (Schmidt 2000).
Burnout wordt beschouwd als een beroepsziekte, d.w.z. het beschrijft het niveau van (dis)functioneren binnen de werksituatie.
Aanvankelijk was de gedachten dat burnout verbonden was met sterk contactuele beroepen, hetzij met cliÎnten of patiënten hetzij met leerlingen of werknemers. Tegenwoordig gaat men er echter van uit dat een ieder die zijn werk met een groot verantwoordelijkheidsgevoel doet, in beginsel burnout kan raken.
Hieronder volgen een aantal opvattingen over het begrip burnout zoals ze op dit moment worden gehanteerd.
Schouten en Nelissen (2002) zien het stressproces meer als een psychische vermoeidheid. Psychische vermoeidheid is het verschijnsel dat optreedt ten gevolge van voorafgaande fysieke en/of mentale activiteit, die tot een zodanige psychische belasting is geworden dat men niet meer in staat is om adequaat te reageren op de eisen die de taaksituatie of de omgeving aan het psychische functioneren stelt. Of hiertoe slechts in staat is ten koste van toenemende mentale inspanning en het overwinnen van psychische weerstand.
Burnout is, volgens Schouten en Nelissen een vergevorderde staat van psychische vermoeidheid. Vroeger werden de termen burnout en overspannenheid naast elkaar gebruikt. Tegenwoordig is volgens Schouten en Nelissen de term burnout ingeburgerd voor alle gevallen van overspannenheid.
Karsten(2001) geeft aan dat bij burnout sprake is van een verstoord evenwicht tussen de eisen die het werk stelt en de persoonlijke behoeften. Burnout kondigt zich aan door verschijnselen als emotionele en lichamelijke uitputting, afkeer van het werk en verminderende competentie.
StressCo Strategie, een bedrijf dat zich bezighoudt met preventie en behandeling van burnout, beschrijft het als een langzaam verdampen van energie ten gevolge van langdurige continue stress. Het is een langzame erosie van energie. Burnout is aan het eind van de lijn van het chronische stress syndroom.waarbij sprake is van het ontbreken van een innerlijk kompas.
Schmidt (2000) hanteert de begrippen overspannen en burnout vanuit een ander kader. Op dit moment keizen wij echter niet voor zijn begrippenkader. Hij ziet overspanning als een toestand, die gekenmerkt wordt, door cognitieve en emotionele functiestoornissen welke zich voordoen op alle domeinen van het leven.
Burnout is volgens Schmidt een proces dat zich kenmerkt door een veranderende attitude hetgeen in het werk merkbaar is. Burnout kan zich ontwikkelen tot een overspanning en wordt dan ook zichtbaar op alle levensdomeinen.

Wij kiezen ervoor om burnout te zien als een verstoorde balans tussen eisen van het werk en de persoonlijke behoeften op bio./psycho./sociaal niveau die leidt tot een veelheid aan klachten die zich uiten in denken, handelen en voelen en ontstaat na een lange periode waarin iemand is blootgesteld aan chronische negatieve stress en niet herkennen van zijn stresssignalen. De persoon heeft geen zicht op het burnout proces en vandaar geen mogelijkheden om het proces in positieve zin te beïnvloeden. De hulpvraag wordt gesteld vanuit een disfunctioneren binnen de werksituatie, maar heeft bijna altijd invloed op alle domeinen van de mens. Bij overspanning is de persoon zich bewust van overbelasting welke tijdelijk is en kan door maatregelen te nemen zich herstellen.

3. Diagnostiek
Het stellen van de diagnose burnout is op basis van de gehanteerde classificatie systemen nog niet goed mogelijk. Burnout wordt bijv. in de DSM-IV niet als een aparte stoornis genoemd. Bij mensen die burnout gediagnosticeerd zijn worden de volgende as-1 stoornissen veelvuldig vermeld:
Aanpassingsstoornis: met depressieve stemming, met angst en met gemengd angstige en met depressieve stemming, niet gespecificeerd.
Ongedifferentieerde somatoforme stoornis.
Gegeneraliseerde angststoornis.
(licht) Depressieve stoornis.

De ICD-10 classificatie (international Classification of Diseases) van de wereldgezondheids-raad (WHO,1992) biedt meer mogelijkheden. Burnout wordt hierin vermeld zonder specifieke criteria, behoudens dat werkgerelateerde burnout (code z 73.0) moet worden onderscheiden van neurasthenie (code 48.0) door de juiste relatie met de werkomstandigheden.
Volgens Hoogduin, Schaap en Methorst (1996) kan het klinisch beeld van burnout opgevat worden als werkgerelateerde neurasthenie (ICD-10). Het dient dan wel aan een aantal criteria te voldoen.

De diagnose burnout wordt veelal gesteld op basis van het aanwezig zijn van een drietal kenmerken van burnout, op een anamnese en op een aantal afgenomen tests/vragenlijsten.

Bij de diagnostiek wordt vaak gezocht naar 3 kenmerken die te herkennen zijn bij burnout en die zich min of meer langzaam na elkaar ontwikkelen (Golembiewski & Munzenrider (1988) (uit boek Schmidt):

-Afstandelijk, cynisch, distantie van het werk.
Tegenover degene waar men in het werk mee moet omgaan.
-Onzeker over eigen kunnen, competentie verlies

Een groeiende overtuiging van professionele onbekwaamheid. Het individu bekruipt in toenemende mate de twijfel, of het kennisniveau en de vaardigheden die voor het werk zijn vereist, nog wel aanwezig zijn.
-Uitputting: emotioneel, mentaal
Een gevoel van emotionele uitputting: als een berg tegen het werk opzien, motivatieverlies, futloosheid en lusteloosheid, zich 'op', 'leeg' en 'afgebrand' voelen.

In de anamnese wordt gekeken of er sprake is van de aanwezigheid van een roofbouwproces, een verschil in functioneren en in persoonlijkheid voor- en in het verloop van het burnout proces.

Veel gebruikte testen c.q. vragenlijsten zijn:
1.Utrechtse Burn-outschaal (UBOS) van Schaufeli & Van Dierendonck. 2000.
2.Burnout Measure Pines & Aronson, 1988.
3.Vragenlijst (Karsten), afgeleid van vragenlijst ìOvercomming job burnout door dr. Beverly Potter.
4.Vierdimensionale klachtenlijst (4DKL) Terluin 1996.

4.Oorzaken van burnout
Over de oorzaken voor het ontstaan van burnout bestaat geen eenduidigheid. Veel van de genoemde oorzaken zijn ook te noemen bij het ontstaan van overspanning. Het gaat om factoren die belastingverhogend werken. Burnout is in deze visie het gevolg van overbelasting. Het ontstaan van burnout wordt door een aantal factoren beïnvloed.

Belangrijkste predisponerende factoren binnen het werk zijn:
Hoge werkdruk, gebrek aan autonomie, gebrek aan sociale steun

-Belangrijkste predisponerende factoren persoonlijke eigenschappen zijn:
Narcisme, learned helplessness, grote behoefte aan controle, parentificatie.

Freudenberger(1991) noemt een aantal karaktereigenschappen, die een verhoogd risico zouden opleveren voor mensen om burnout te krijgen:

-Neiging tot perfectionisme.
- Ambitieus
- Hard werken.
- Meer doen dan kan
- Plichtsgetrouw.
- Moeite met delegeren.
- Toegewijde idealisten.
- Moeite met nee zeggen.

In de praktijk herkennen we een tweetal prototypen die risico's lopen. Deze personen laten zich onderscheiden in personen die geen nee kunnen zeggen (pychasthene, of sensitief-dwangmatige persoonlijkheden) en personen die graag ja zeggen( narcistische persoonlijkheden), die vooral door ijdelheid worden voortgestuwd. Hoewel deze kenmerken nogal verschillen gaan ze uiteindelijk, door het klachtenpatroon van de burnout-cliÎnt, op elkaar lijken. Bij de taxatie van cliënten met het burnout syndroom dienen naast het werk ook de overige leefgebieden betrokken te worden.

Burnout is niet een alles of niets fenomeen, maar kent een geleidelijk en in hoge mate kenmerkende ontwikkeling. Burnout kan daarom beter worden uitgedrukt in termen van een voortschrijdend proces, dan van aan- of afwezigheid van een pathologische toestand.
In de aanloop naar burnout zijn een aantal aspecten waar te nemen.

Aanloop tot burnout
-Niet naar je eigen signalen luisteren
-Niet meer met plezier naar je werk.
-Piekeren
-Niet meer kunnen genieten
-Ontwikkeling van diverse klachten
-Chaos: ordeningsprincipes vallen weg
-Associatief
-Volhouden, doorgaan op reserves
-Niet passende functie

Aanloop tot burnout in de organisatie
-Snel wijzigen werkcontext en werkomstandigheden.
-Figa (fit in or go)
-Scheve ruilrelatie
-Een niet passende functie.

Fasen in herstel van burnout
Binnen de literatuur over burnout worden verschillende fasen onderscheiden in het herstel van burnout. Ook hierin is geen eenduidigheid, wat zich laat zien in de verschillende aangeboden behandelingen. Wij kiezen voorlopig voor het door Karsten (2001) gehanteerde 5 fasen model bij de behandeling van burnout.

Fysiek herstel
Activatie
Cognitieve training
Reïntegratie
Terugvalpreventie

Alvorens vanuit de genoemde fasen te gaan kijken naar de pmt behandel mogelijkheden van burnout willen wij eerst pmt omschrijven.

Einde deel 1.
Deel 2 verschijnt in juni en gaat over psychomotorische therapie bij burnout.

Zoeken

    Zoek

Feedback?   ons!

Volg ons via Follow PMT Info Site on Twitter

Nieuw op de site:

  • 02/02/12: oefenvormen: Onder het thema samenwerking is de oefening Spinnenweb geplaatst. Door Iriah.
  • 30/01/12: activiteiten: Zaterdag 31 maart: Masterclass Mindfulness, te Deventer, als therapeut verbinden met je denken, voelen en intuïtie.

Design/automatisering

Deze site en al de achterliggende automatisering is gemaakt door Specialist in webdesign, automatisering en cognitieve ergonomie