Gast auteur PMT Info Site
Praktijkondersteuning
Werkgroepen en commissies staan klaar
Tijdschrift PMT 10-3
In het derde nummer van het Tijdschrift voor Psychomotorische Therapie stond een aardig stukje over de ondersteuning die de NVPMT biedt aan haar leden. De moeite waard voor psychomotorisch therapeuten die nog geen lid van de vereniging zijn. Binnen de NVPMT zijn namelijk veel werkgroepen en commissies actief. Van tijd tot tijd laten zij van zich horen. Een ding is duidelijk. Psychomotorisch therapeuten kunnen voor uiteenlopende zaken een beroep op hen doen. Vier gremia komen hieronder aan het woord. Eerst de werkgroep VGZ, vervolgens de werkgroep Supervisie, de werkgroep Modulen & Producten en tot slot de Studiecommissie.
1. PMT in de VGZ
Een impressie van de werkbijeenkomst voor psychomotorisch therapeuten in de Verstandelijk Gehandicapten Zorg
De werkgroep VGZ organiseerde op 13 mei 2004 een werkbijeenkomst in Wekerom met als doel het uitwisselen van informatie en kennis door psychomotorisch therapeuten in het werkveld van de verstandelijk gehandicapten zorg.
Een buitenstaander zou geen idee hebben waarover het gaat. Bij enkele psychomotorisch therapeuten zou er een belletje gaan rinkelen en de psychomotorisch therapeuten die werken in dit veld zouden de spijker op zijn kop slaan. PMT in de VGZ staat voor psychomotorische therapie in de verstandelijk gehandicapten zorg.
Omdat PMT-ers in dit werkveld behoefte hadden van zich te laten horen en hun krachten te bundelen is er vorig jaar een werkbijeenkomst georganiseerd. Daar is het initiatief genomen tot het oprichten van een werkgroep van en voor psychomotorisch therapeuten die werkzaam zijn ten behoeve van cliënten met een verstandelijke beperking. Heine Sikkel, Hans Valster, Ben Brekhof, Marianne Mourfouace en Emiel van Stiphout vormen de leden van deze werkgroep. Dit jaar werd een tweede werkbijeenkomst georganiseerd. Een veertigtal belangstellenden kwam samen op het grote en bosrijke complex van ‘s Heerenloo Midden-Nederland in Wekerom.
Thee en koffie met een data-bank
Na een lange reis met enkele gemiste afslagen (dit lag echter niet aan de duidelijke routebeschrijving die ons was opgestuurd, de plattegrond met de lichtjes (!) bij de ingang en de bordjes op het terrein) werden we achter het kerkje in de aula ontvangen met thee en koffie.
Voorzitter van de werkgroep VGZ, Heine Sikkel, nam na deze rustige start het woord en heette ons welkom. Hij lichtte ons in over de stand van zaken en ontwikkelingen met betrekking tot de werkgroep en introduceerde de ‘vraag-en–aanbod’-databank. Hiervoor verzocht hij elke aanwezige bij zichzelf na te gaan welke vragen hij of zij nog had in het werkveld en welke expertise hij of zij als tegenprestatie daarvoor te bieden had. Gedurende de middag had iedereen de mogelijkheid dit op een lijst te noteren en deze lijst zou vervolgens rondgestuurd worden naar alle belangstellenden. Op deze manier kon er wellicht een vermindering komen in de bekende scenario’s als ‘het op de plank blijven liggen’ en ‘het nogmaals uitvinden van het bekende wiel’. Dit was bovendien ook het hoofdthema van de middag: het informeren en uitwisselen van expertise.
Actie
De meeste PMT-ers hebben toch moeite met lang stil zitten en het werd dan ook tijd om in actie te komen. Bij de aanmelding voor deze werkbijeenkomst hadden we onze voorkeur voor de drie aangeboden workshops mogen aangeven. Er waren twee rondes met workshops van drie kwartier. Dit betekende dat je twee van de drie workshops kon volgen. Monique Peters gaf samen met Maurits Uijting een workshop over omgaan met boosheid (agressieregulatie). In de workshop van Mieke Puyman werd aandacht besteed aan groepstherapie gericht op de identiteitsversterking aan pubers/jongvolwassenen op MLK-niveau. Systeem therapeut Ronnie Hoedjes gaf samen met PMT-er Marianne Morfouace een workshop over systeemgericht werken en Psychomotorische Therapie met als titel ‘ 1 + 1 = 3’.
Goede combinatie
De belangstellenden werden voor de eerste workshopronde verdeeld over de drie workshops en elke groep zocht een plekje op om van start te gaan. Mijn voorkeur was uitgegaan naar de workshop ‘1 + 1 = 3’. Helaas had onze groep een niet al te gunstige plek uitgezocht en werd de uitleg van Ronnie Hoedjes en Marianne Morfouace herhaaldelijk overstemd door de enthousiastelingen aan de andere kant van het scherm die zich uitleefden in de workshop ‘Omgaan met boosheid’. Gelukkig was het conferentiecentrum groot genoeg en wees een aardige suppoost ons een vrije ruimte in de kelder. Hier kregen we een korte toelichting over systeemtherapie. Kern van systeemtherapie is dat bij problemen binnen een systeem alle gezinsleden te maken hebben met dit probleem. Het kan gezien worden als spaken van een fietswiel. Om het wiel helemaal goed te laten functioneren moeten alle spaken in balans en opelkaar afgestemd zijn. Soms is systeemtherapie alleen niet voldoende, omdat in sommige gezinssituatie deze verbale therapie-vorm te weinig ingang biedt. Een combinatie van PMT en systeem therapie, systeemPMT, kan dan een uitkomst bieden. De PMT-er en de systeemtherapeut gaan samen met het gezin de zaal in. Na iedere werkvorm wordt niet alleen ingegaan op wat de PMT-er gezien heeft of de gezinsleden ervaren, maar kan de systeemtherapeut als aanwezige observator de bredere verbanden leggen naar situaties buiten de PMT-zaal.
Om deze combinatie te kunnen ervaren werd de groep verdeeld in gezinsleden om een sessie na te doen, en observatoren. De gezinsleden hadden ieder een kaartje gekregen waarop hun rol beschreven stond. Aan de hand van twee groepsopdrachten werd er een sessie nagespeeld die op een goede wijze geleid werd door de PMT-er. Hierna mochten de observatoren hun bevindingen weergeven. Opvallend was hoe goed zij de verschillende familiebanden konden beschrijven. Ook de deelnemers die de rol van de gezinsleden op zich hadden genomen konden door de goede sturing van de PMT-er en daarna de systeemtherapeut goed ervaren wat systeemPMT inhoudt. Al met al denk ik dat deze combinatie van systeemPMT een goede aanpak is om gezinnen te helpen inzicht te krijgen in hun probleemsituatie.
We mogen los
Na de korte theepauze was het tijd voor de tweede workshopronde. Mijn tweede voorkeur was uitgegaan naar de workshop over omgaan met boosheid van Monique Peters en Maurits Uijting. Nu was het aan ons om herrie te gaan produceren. De bedoeling van de workshop was om in sneltreinvaart het programma voor agressiehantering voor jongeren met een verstandelijke handicap te doorlopen. Met behulp van verschillende oefeningen doorliepen we de stadia van het omgaan met boosheid. Met behulp kaartjes met boze gezichtsuitdrukkingen probeerden we verschillende soorten boosheid te herkennen en na te gaan of daar overeenstemming over was. Op een groot tekenblad mochten we de zin ‘ Ik word boos als...’ afmaken. Op deze manier werd er een inventarisatie gemaakt van de verschillende oorzaken van boosheid. Het ervaren en voelen van boosheid werd vervolgens in beeld gebracht door het doen van ‘lummel’- spelletjes met een grote bal en een balvariant van tikkertje. Uitgelegd werd dat na deze oefensituaties geprobeerd wordt opgedane ervaringen terug te koppelen naar de leefsituatie. Hierbij kan ook gebruik gemaakt worden van een spanningsthermometer. Ook worden de deelnemers gestimuleerd oplossingen uit te wisselen. Hierbij wordt nagegaan welke oplossing bij de deelnemer past, welke oplossingen niet zo handig zijn en welke oplossing de deelnemer nog niet kan hanteren maar wel zou willen leren. Kort gezegd doorliepen we tijdens de workshop de drie stappen die ook de deelnemers aan de cursus doorlopen. In stap 1 draait het om de waarneming. Wat zie / hoor/ voel ik? Stap 2 is de betekenisverlening. Welke betekenis geef ik aan deze situatie? In stap 3 wordt er overgegaan tot actie. In de cursus wordt daarnaast ook gewerkt met huiswerkopdrachten.
De workshop zat goed in elkaar en je zag dat de twee PMT-ers goed op elkaar ingespeeld waren, waardoor het geheel een goed beeld gaf van de cursus die zij geven aan de jongeren.
Kringgesprek en een drankje na
Na deze twee workshops was het einde van de middag al in zicht. De middag was goed gevuld geweest, al vond ik het jammer dat ik de workshop van Mieke Puyman over de groepstherapie bij pubers en jongeren niet heb kunnen volgen. Gelukkig kon ik twee stencils bemachtigen, waarin dit programma kort werd toegelicht.
Voordat iedereen uitzwermde en serieus aan de borrel begon, werd de groep nog bij elkaar geroepen voor een groot kringgesprek. Gevraagd werd wat de bevindingen van deze middag waren en mocht er vrij gespuid worden. De reacties waren erg positief. Iedereen vond het zinnig om dit jaarlijks te herhalen. Ook de vraag-en-aanbod-databank kreeg lof toegezwaaid. Naar aanleiding van een opmerking over het feit dat de workshops voornamelijk gericht waren op de doelgroep van de licht verstandelijk gehandicapten, laaide er een discussie op of het zinvol zou zijn om de doelgroep op te splitsen in licht verstandelijk gehandicapten (LVG), matig verstandelijk gehandicapten (MVG), ernstig verstandelijk gehandicapten (EVG) en zeer ernstig verstandelijk gehandicapten (ZEVG).
In het kader van de uitwisseling van expertise werd er gesproken over het schrijven van modules. De workshop van Monique Peters en Maurits Uijting lijkt al bijna ‘module- klaar’. Ook Harm Jongerius gaf aan een concept-module over dit onderwerp te hebben geschreven. Anderen werden bovendien aangemoedigd eens te kijken of de ‘stukken op de plank’ niet in een module gebundeld konden worden.
Wat betreft de noodzaak van profilering van PMT in de VGZ werd bekend gemaakt dat de workshop van Monique Peters en Maurits Uijting op de studie-tweedaagse in november 2004 een plaatsje krijgt in het programma.
Tenslotte werd ons beloofd dat de databank ons toegestuurd zou worden per mail samen met de toelichtingen van de workshops, zodat iedereen ook een idee kon krijgen van de niet gevolgde workshops.
Hierna was het tijd voor een drankje en konden we terug kijken op een boeiende middag PMT in de VGZ.
Complimenten voor de organisatoren.
Je kan contact opnemen met de werkgroep via bijvoorbeeld de voorzitter Heine
Sikkel: h.s.sikkel@freeler.nl
Marieke van Gool
Psychomotorisch therapeut op de Willem van den Bergh stichting in Noordwijk.
.
2. Werkgroep Supervisie
Start telefonisch consult door A-supervisoren!
Vanaf 1 september 2004 start de NVPMT met een nieuwe service voor de leden, namelijk de mogelijkheid tot telefonische consultatie bij een A-supervisor.
Na evaluatie van een proefperiode van drie maanden (september - december 2002) is besloten om deze service voor drie jaar aan te bieden.
Procedure
Alle leden (belangstellenden zijn uitgesloten) kunnen van deze service gebruik maken, waarbij de volgende regels gelden:
• Leden kunnen zelf na melding bij het secretariaat een telefonisch consult aanvragen voor een half uur bij één van de supervisoren die meedoen. (Zie lijst)
• De supervisor noteert de gegevens en het lidnummer van de aanvrager en declareert dit halve uur bij de NVPMT
• Vervolgens maken supervisor en aanvrager een afspraak voor het telefonische consult.
• Lid kan maximaal 2 consulten per kalenderjaar aanvragen.
• De telefoonkosten van het consult zijn voor rekening van de aanvrager en kunnen niet bij de NVPMT gedeclareerd worden.
Casuïstiek telefonisch consult
Om een idee te geven waarover een telefonisch consult kan gaan, volgen hier een aantal geanonimiseerde casuïstiekervaringen uit de proefperiode:
Casus P.
P. is psychomotorisch therapeut en werkt in kinder & jeugd psychiatrie. Hij is door zijn behandelteam gevraagd om drie keer een gezin in de zaal te zien in het kader van een gezinsbehandeling. De gezinsgesprekken zijn vastgelopen en in het teamoverleg wordt besproken of non-verbale interventies door middel van een kortdurend PMT-aanbod de impasse zouden kunnen doorbreken. P. heeft geen ervaring met gezinnen in de zaal, maar is wel enthousiast om deze uitdaging aan te gaan. Vanwege de vraag om op korte termijn te starten met het gezin in de zaal, vraagt P. een telefonisch consult aan. In overleg met de supervisor worden het twee consulten. De eerste om de het PMT-aanbod voor deze gezinscasus voor te bespreken en de tweede om het verloop van de drie PMT-sessies te evalueren. Na deze ervaring besluit P. om bij zijn instelling reguliere supervisie aan te vragen om zich verder op dit gebied te specialiseren.
Casus K.
K is recent van baan veranderd. Daarvoor heeft zij jarenlang als enige psychomotorisch therapeut, maar ook als enige vaktherapeut gewerkt. In haar nieuwe baan werken diverse vaktherapeuten (creatief beeldende-, drama- en psychomotorische therapeuten) en is er een cultuur dat de verschillende vaktherapeuten samenwerken als co-therapeuten. Van haar wordt verwacht dat ze op dezelfde manier verder werkt als haar voorganger, maar ze vindt het toenemend lastig om zich zomaar aan te passen. Er ontstaat een conflict. K. belt een supervisor voor een telefonisch consult over deze acute conflictsituatie. Het consult resulteert in een regulier supervisietraject bij dezelfde supervisor.
Casus L.
L. werkt tijdelijk (zwangerschapsvervanging) als psychomotorisch therapeut bij een ambulante GGZ instelling. Zijn cliëntenbestand is divers en niet met alle soorten problematiek heeft hij in voorgaande banen ervaring opgedaan. Als in het team voor twee cliënten met een angststoornis een indicatie wordt gesteld voor een individuele PMT-behandeling is een dergelijke behandeling nieuw om te doen voor L. Hij neemt contact op met een supervisor voor een telefonisch consult. Dit consult zet L. op het spoor naar informatie over een PMT-methodiek gekoppeld aan het cognitieve gedragstherapie model.
Tot zover een aantal voorbeelden. We hopen dat het de leden zal inspireren om gebruik te maken van deze nieuwe service van de NVPMT!
Namens de werkgroep supervisie
Marlies Rekkers
mrekkers@cs.com
3. Modulen en producten
Na een lange tijd van media stilte is de werkgroep modulen en producten nieuw leven ingeblazen. De doelstelling van de werkgroep is het stimuleren en coördineren van de ontwikkeling van producten en modulen binnen de NVPMT.
De werkgroep bestaat uit: Paul Timmers (coördinator) , Saskia Bieleveldt, Lei Konsten en Eric van der Meijden.
Het komende halfjaar zal de werkgroep besteden aan het inventariseren van beschreven modulen en producten bij leden van de NVPMT. De werkgroep zal tevens personen benaderen die al in een eerder stadium modulen hebben ontwikkeld, en hen vragen naar het gebruik ervan in de praktijk. Onderzocht wordt waar behoeften van leden liggen ten aanzien van modulen en producten. Met de NVCT wordt samenwerking gezocht.
Op de website van de NVPMT staan de modulen vermeld die te bestellen zijn bij het secretariaat van de NVPMT.
Graag komen wij in contact met leden die modulen en/of producten hebben ontwikkeld, maar hieraan nog geen bekendheid hebben gegeven.
Daarnaast kunnen vragen, suggesties, ideeën worden doorgegeven via mail, brief of telefoon aan het secretariaat van de NVPMT.
4. Studiecommissie
Een studiedag of werkconferentie organiseren?
Als studiecommissie van de NVPMT krijgen wij regelmatig de vraag binnen of wij kunnen helpen met het organiseren van een studiedag (bijvoorbeeld vanuit een werkgroep). Bij het plannen van een studiedag zijn er diverse aandachtsgebieden. Hierbij valt te denken aan: inhoudelijke organisatie en planning (bijvoorbeeld wanneer zijn er andere studiedagen); budgettering en financiële administratie; drukwerk (bijvoorbeeld uitnodigingen); promotie studiedag; registratie en inschrijving; public relations; het maken van readers; zalen en locatie, et cetera. De studiecommissie kan bij een studiedag ondersteuning verlenen. Overigens is er een handboek van de studiecommissie beschikbaar waarin alle taken en informatie beschreven staan met betrekking tot de organisatie van een studiedag. Mocht U naar aanleiding van deze informatie vragen en opmerkingen hebben, dan kunt u bellen of mailen naar de voorzitter van de studiecommissie.
Namens de studiecommissie
Monique Peters
Anna Lantinga (voorzitter studiecommissie)
mailadres: anna.lantinga@ggzdrenthe.nl
