Gelezen

maart 2003
Over de behandeling van eetstoornissen door psychomotorische therapie
Jan de Lange


Bespreking van:

Gewichtige lichamen. Lichaamsbeleving en eetstoornissen.
Marlies Rekkers en Eljen Schoemaker (red.)
Leuven: Acco, 2002. 45 euro. 244 p. incluis cd ROM.

Inleiding
In de (dag)klinische behandeling van patiënten met een eetstoornis wordt al vele jaren gebruik gemaakt van psychomotorische therapie. Geen gemakkelijke taak voor de psychomotorisch therapeut. Eetstoornissen zijn levensbedreigend en gaan vaak gepaard met andere ernstige problematiek.
Met het boek 'Gewichtige Lichamen' schieten Rekkers en Schoemaker de psychomotorisch therapeut te hulp. In dit boek beschrijven zij een aantal beproefde programma's (modules) voor de behandeling van eetstoornissen. De behandeling van de verstoorde lichaamsbeleving speelt hierin een cruciale rol. Het bijzondere van de hier beschreven werkwijze is de combinatie van psychomotorische therapie en cognitieve gedragstherapie. Dit praktisch deel wordt voorafgegaan door een beschrijving van de theoretische achtergrond van de therapeutische aanpak. Hieronder beschrijf ik in hoofdlijnen de inhoud van het boek. In mijn column van april zal ik uitvoeriger ingaan op enkele punten.

Opzet en inhoud van het boek
'Gewichtige lichamen' is een slank boek. Niet te dik, niet te dun. Het boek telt vijf hoofdstukken, twee bijlagen en wordt gecompleteerd met een CD-Rom.
In de eerste twee hoofdstukken worden de kernbegrippen uit de titel van het boek omschreven. Vervolgens wordt onderzoek besproken waaruit de cruciale rol blijkt die de lichaamsbeleving heeft bij eetstoornissen.
In de hieropvolgende hoofdstukken beschrijven de auteurs acht modules voor de behandeling van eetstoornissen.
In de eerste bijlage worden verschillende bewegingsarrangementen nader uitgewerkt. De tweede bijlage bestaat uit diverse soorten vragenlijsten die men kan gebruiken om de lichaamsbeleving te meten of de behandeling te evalueren. Op de cd-rom kan men een opname bekijken van de video-confrontatie methode.

Hoofdstuk 1 (Eljen Schoemaker) begint met een beschrijving van de kenmerken van eetstoornissen volgens de DSM IV. Vervolgens wordt beschreven dat eetstoornissen vaak gepaard gaat met andere ernstige problematiek. Daarna noemt Schoemaker de belangrijkste bevindingen uit onderzoek naar biologische, psychologische en maatschappelijke factoren die van invloed zijn op het ontstaan van een eetstoornis. De biologische en psychologische factoren worden summier besproken. Aan de maatschappelijke factoren, met name de invloed van het 'slankheidsideaal' op de zelfwaardering en het eetgedrag van vrouwen wordt zeer uitgebreid aandacht besteed. Het hoofdstuk besluit met een opsomming van lichamelijke afwijkingen die kunnen ontstaan als gevolg van eetstoornissen.

Hoofdstuk twee (Marlies Rekkers) behandelt het concept lichaamsbeleving en de betekenis van een verstoorde lichaamsbeleving voor het ontstaan en het instandhouden van eetproblematiek.
De definitie van lichaamsbeleving ontlenen de auteurs aan Michel Probst en wordt omschreven als een multidimensioneel psychologisch concept: ' ...een integratie van visuele en tactiele (exteroceptieve) informatie en perceptie en interpretatie van signalen, die van binnen uit het lichaam komen met subjectieve ervaringen van lichaamsfuncties (zowel affectief als emotioneel) en met ideeën en opvattingen (cognitief) over het eigen lichaam.' (Poeh!) Vervolgens wordt dit concept aangevuld met een viertal dimensies: het feitelijke of objectieve lichaam; het beleefde lichaam; het sociale lichaam; het ideale lichaam.
Na deze definitie volgt een opsomming van symptomen en kenmerken van een verstoorde lichaamsbeleving bij eetstoornissen, zoals deze in literatuur genoemd worden. Uit onderzoek blijkt tevens dat veranderingen in de verstoorde lichaamsbeleving een belangrijke prognostische waarde hebben om therapieresultaten bij eetstoornissen te voorspellen. De lichaamsbeleving kan worden vastgesteld met behulp van vragenlijsten en andere onderzoeksmethoden die ontwikkeld zijn om stoornissen in de lichaamsbeleving te kunnen meten zoals de videoconfrontatiemethode. Het is erg handig dat deze meetinstrumenten in een bijlage zijn opgenomen.
In dit hoofdstuk wordt tevens stilgestaan bij de vraag naar het ontstaan van een verstoorde lichaamsbeleving. Er wordt gewezen op kwetsbare momenten in de menselijke ontwikkeling zoals de puberteit, waarin mensen een verhoogde kans lopen een eetstoornis te ontwikkelen. Voorts wordt veel aandacht besteed aan de rol die 'schema's' spelen bij het ontstaan van stoornissen in de lichaamsbeleving. Een schema is een stabiele kerngedachte die iemand heeft over zichzelf en de wereld. Deze kerngedachte fungeert als een soort bril. Wie aan het eigen uiterlijk twijfelt, ziet in het gedrag van anderen, altijd wel iets dat deze negatieve gedachte bevestigt. Met name de schematheorie van Young wordt belicht.
Over het ontstaan van deze schema's, is niet veel bekend, zodat we over het oorsprong van de lichaamsbelevingstoornis voorlopig nog in het duister tasten.

In de hierop volgende hoofdstukken beschrijven de auteurs acht modules gericht op de behandeling van eetstoornissen. Deze modules kunnen los van elkaar of in samenhang worden aangeboden bij de behandeling. Drie modules zijn speciaal bedoeld voor de behandeling van een verstoorde lichaamsbeleving. Vier andere modules zijn gericht op de algehele behandeling van patiënten met eetstoornissen door middel van PMT. Hierbij gaat het niet alleen om de behandeling van de verstoorde lichaamsbeleving, maar ook om de behandeling andere aspecten van de problematiek. Tot slot is er een module voor preventie van een verstoorde lichaamsbeleving bij kinderen. Bij de beschrijving van de modules volgt men de handleiding van de NVPMT. Dat levert een prettig overzichtelijk beeld op. Alle zaken die voor een behandeling van belang zijn, vinden we terug. Aan bod komen onder meer doelgroep, (contra)indicaties, referentiekader, doelstellingen, en behandeling.
De cognitieve gedragstherapie van Beck staat centraal in de meeste modules. Bij deze methode wordt er van uit gegaan dat automatische disfunctionele gedachten die patiënten hebben over zichzelf en hun lichaam, leiden tot disfunctionele emoties en gedragingen. In de therapie gaat het dan om het oproepen en corrigeren van deze disfunctionele automatische gedachten. Technieken uit de psychomotorische therapie blijken uitstekend geschikt dergelijke gedachten op te roepen en uit te dagen. Iedere module bevat vele voorbeelden van bewegingsarrangementen die hiervoor kunnen worden gebruikt.
Hoewel het model van cognitieve gedragstherapie centraal staat in de meeste modules,hanteren de auteurs ook andere invalshoeken, zoals het psychodynamisch referentiekader, inzichten uit de seksespecifieke hulpverlening en uit de groepsdynamika.

Een slank boek, of toch te mager?
Hierboven beschreef ik in grote lijnen wat het boek biedt. En dat is veel voor psychomotorisch therapeuten. Weliswaar zijn er de laatste jaren voor diverse doelgroepen een aantal losse modules geschreven, maar een boek als dit is een prachtige stap omhoog op de module-ladder.
Voor alles is het boek een handleiding voor de praktijk, geschreven door therapeuten die er niet voor schromen hun ervaringen op papier te zetten en van een theoretisch raamwerk te voorzien.
Maar het boek is ook mager. De auteurs hebben moeite hun materiaal te ordenen. Niet overal is de samenhang even duidelijk voor de lezer. In de column van april zal ik dit toelichten aan hand van drie punten:

1. De theorie wordt niet kritisch doorgewerkt maar 'opgesomd'. Bovendien wordt de theorie niet verbonden met de beschrijvingen van de modules. Hierdoor blijft de relevantie van sommige onderdelen voor de rest van het boek in de lucht hangen.
2. De theoretische hoofdstukken missen een coherente structuur. Als lezer kan ik niet altijd volgen met welk doel bepaalde informatie wordt gegeven en hoe deze informatie samenhangt met de informatie uit de andere delen van het hoofdstuk.
3. De beschrijvingen van de modules schiet op sommige punten te kort.

Zoeken

    Zoek

Feedback?   ons!

Volg ons via Follow PMT Info Site on Twitter

Nieuw op de site:

  • 02/02/12: oefenvormen: Onder het thema samenwerking is de oefening Spinnenweb geplaatst. Door Iriah.
  • 30/01/12: activiteiten: Zaterdag 31 maart: Masterclass Mindfulness, te Deventer, als therapeut verbinden met je denken, voelen en intuïtie.

Design/automatisering

Deze site en al de achterliggende automatisering is gemaakt door Specialist in webdesign, automatisering en cognitieve ergonomie