Gelezen

juni 2003
Ontwikkelingen in de psychomotorische therapie

M.Probst en R.J. Bosscher (red.),
Cure and care publishers 2001. Prijs: 32,50 euro.

Door: Hans Valster


Er is op de PMT Info Site al eerder aandacht aan dit boek besteed. In mei 2001 verscheen van de hand van Jan de Lange een commentaar en in oktober 2001 schreef Carry Kappelhof al een bijdrage. Na lezing van het boek vind ik dat het de moeite waard is om enkele hoofdstukken wat uitgebreider te beschrijven.

Ik vind het een boek wat zich betrekkelijk prettig laat lezen. Er staan weliswaar enkele lastige woorden in, maar dat is niet onoverkomelijk. Het is overzichtelijk opgebouwd met eerst twee inleidende hoofdstukken: een overzicht van de ontwikkeling van de PMT in Vlaanderen en Nederland en in het tweede hoofdstuk een kritisch en duidelijk beeld over de kwaliteit van de PMT. Hierna volgen 14 bijdragen van collegae over de praktijk.
Er is erg veel literatuur geraadpleegd, dat maakt het tot een uiterst gedegen werk waar veel verwijzingen in staan. Het boek is een must voor therapeuten in het algemeen en voor psychomotorische therapeuten in het bijzonder.

In de inleiding beschrijven de samenstellers de kern van de PMT:
via de motoriek wordt een verandering van het psychisch functioneren nagestreefd. De motoriek wordt opgevat als een aspect van dit psychisch functioneren. En therapie betekent dat deze verandering een verbetering is van of een opheffing van een psychisch disfunctioneren.

In het eerste hoofdstuk beschrijven Probst en Bosscher de veranderingen die de PMT in binnen- en buitenland heeft ondergaan vanaf de achttiende eeuw tot heden. Ook de opleidingsmogelijkheden en het wetenschappelijk onderzoek komen ter sprake.

Van morele behandeling naar een hedendaagse behandelcontext

Beginnend vanuit het 'moral treatment' , via het 'no restraint' naar de meer actievere benadering van het bewegen. Pas na de tweede wereldoorlog werden deze ideeën verder uitgewerkt tot wat toen 'bewegingstherapie' werd genoemd. Vanaf de zestiger jaren evolueerden de gesloten inrichtingen naar open centra, en de somatische behandeling veranderde in de existentiële psychiatrie.
De naam veranderde van bewegingstherapie naar psychomotorische therapie onder invloed van de gedachte dat het bewegen op zich niet de kern uitmaakt, maar hoe mensen bewegen in relatie tot de omgeving. Hoe mensen beweging gebruiken in hun taken, activiteiten en verantwoordelijkheden.
De PMT ontwikkelde zich als een non-verbale therapie, maar integreerde ook diverse psychotherapeutische elementen. Het bewegen en de lichamelijkheid zijn de centrale begrippen van de PMT. De auteurs gaan uit van een holistische benadering van de mens: eenheid van lichaam en geest.
Over de grensafbakening van de PMT bestaat verschil in opvatting. Voorlopig is het bewegen een goede afbakening tussen PMT enerzijds en andere therapieën anderzijds.

Omdat de PMT-er vaak samenwerkt met andere disciplines kon men allerlei elementen integreren uit de verschillende stromingen. Zo zijn er vier grote richtingen te onderscheiden.

1. Het biofysisch model wat uitgaat van het principe dat een verbetering in de somatisch toestand van iemand ook invloed heeft op zijn psychopathologie.

2. Het intrapsychische model waarbij de ideeën op de principes van Freud steunen, d.w.z. gericht op de onbewuste processen van een mens.

3. Het gedragstheoretisch model wat uitgaat van de objectieve gegevens, dus de toetsbare gegevens.

4. En het fenomenologisch model wat de subjectieve beleving van iemand aangrijpt en deze vooral zal stimuleren.

Stappenplan
Behalve deze verschillen zal de psychomotorisch therapeut zich van vijf opvolgende stappen bedienen.

Altijd is het begin om de hulpvraag te analyseren, vervolgens zullen de doelstellingen geformuleerd worden, waarna het behandelplan opgesteld wordt. Dit plan wordt uitgevoerd , waarna de therapie geëvalueerd wordt.

Om zijn doelen te bereiken heeft de psychomotorisch therapeut drie strategieën tot zijn beschikking.
De nadruk komt te liggen op actie, op experimenteren of op expressie. Uiteraard kan dit door elkaar lopen tijdens de behandeling.

Ook bespreken de schrijvers de middelen die de PMT-er ter beschikking staat, deze zijn erg ruim. Ze onderscheiden bewegingssituaties, sportspelsituaties en lichamelijkheidstechnieken.

Onderzoek en toekomst
Vervolgens benoemen de schrijvers een tweetal onderzoeken, te beginnen met het bewegingsonderzoek van Van Roozendaal en het nieuwere observatiesysteem van Simons, de LOVIPT.

Tenslotte zeggen de schrijvers nog iets over de opleidingen in Vlaanderen en Nederland tot PMT-er, en over de ontwikkeling van wetenschappelijk onderzoek.

Een heel interessant laatste stukje in dit eerste hoofdstuk gaat over de toekomst. Want hoewel de PMT een enorme ontwikkeling heeft doorgemaakt, laten de auteurs niet na kritiek te hebben op wat er in deze ontwikkeling is vergeten: het zichtbaar maken van hun werk, het inzichtelijk maken voor belangstellenden.
Dit brengt met zich mee dat er een enorme inhaalslag gemaakt zal moeten worden. De term 'evidence based' alsmede kaders, protocollen, modules, programma's zullen versneld hun intrede moeten doen.
Veelzeggend is de bijna waarschuwing die de schrijvers in hun laatste zin poneren: De PMT-er zal zich voortdurend de vraag moeten stellen: is mijn manier van werken efficiënt, noodzakelijk en effectief.

Zoeken

    Zoek

Feedback?   ons!

Volg ons via Follow PMT Info Site on Twitter

Nieuw op de site:

  • 02/02/12: oefenvormen: Onder het thema samenwerking is de oefening Spinnenweb geplaatst. Door Iriah.
  • 30/01/12: activiteiten: Zaterdag 31 maart: Masterclass Mindfulness, te Deventer, als therapeut verbinden met je denken, voelen en intuïtie.

Design/automatisering

Deze site en al de achterliggende automatisering is gemaakt door Specialist in webdesign, automatisering en cognitieve ergonomie