Gelezen
|
Overgenomen uit de Infobank van de VVPMT Kuiper, Rixt (2003) Op adem komen Zaltbommel: Thema Uitgeverij Op adem komen is een CD die rust en energie geeft aan mensen die streven naar een ontspannen levenshouding. Gespannen spieren, kortademigheid, hartkloppingen en pijn in de maag zijn slechts enkele verschijnselen die zich kunnen voordoen als tijdelijke fysieke spanning wordt omgezet in langdurige spanning. Deze ongezonde klachten kunnen verminderen met de gerichte oefeningen op deze CD. De ademhalings- en spierontspanningsoefeningen zijn divers van aard. Door de grote variëteit aan oefeningen is de CD in allerlei situaties en bij diverse klachten te gebruiken. Ontspannen op maat! Leerboek integratieve psychotherapie (2003) Utrecht: De Tijdstroom, 400 blz Psychotherapie is niet zo coherent als het van een afstandje lijkt. Sinds jaar en dag zijn een viertal hoofdstromingen in de psychotherapie te onderkennen: de cliëntgerichte, de gedrags-, de psychodynamische en de systemische therapie. Het is tegelijkertijd heel duidelijk dat de vier hoofdstromingen elkaar sterk beinvloeden en steeds meer op elkaar gaan lijken. Veel psychotherapeuten werken al eclectisch met technieken uit de veschillende oriëntaties. Maar het afgelopen decennium is ook discussie gevoerd en research gedaan op metaniveau met als doel te komen tot een integratieve psychotherapie. En dat lijkt te lukken. Zo nadert bijvoorbeeld een losbladig Handboek integratieve pschotherapie zijn voltooiing na 2000 pagina's pionierswerk. Mede hierdoor kon nadien een compact leerboek over psychotherapie worden geschreven vanuit een schooloverstijgend standpunt, kwalitatief het beste dat anno 2002 te maken is. Het leerboek is geschikt voor nascholing van gevestigde psychotherapeuten maar zeker ook voor postdoctorale opleidingen gezondheidspsychologie, klinische psychologie, psychotherapie en psychiatrie. Grote namen uit de klassieke oriëntaties, zowel uit Nederland als uit Vlaanderen, leveren in dit boek hun bijdrage aan de verdere integratie van al langer verwante benaderingen. Delfos, Martine F. (2002) De lijn kwijt Lisse: Swets & Zeitlinger,128 blz. In De lijn kwijt beschrijft Martine Delfos een behandeling van eetstoornissen vanuit het perspectief van de aanleg. Wetenschappelijk onderzoek heeft inmiddels aangetoond dat niet het schoonheidsideaal, maar aanlegfactoren een belangrijke rol spelen bij eetstoornissen. In dit boek wordt een behandeling beschreven die al zeer lang gebaseerd is op het uitgangspunt dat aanleg een wezenlijke factor is. De consequenties van deze zienswijze zijn, met name voor de behandeling van anorexia, geheel tegen de gangbare traditie in. Hoe laag het aanvangsgewicht ook is, de start van de behan deling is niet het toenemen in gewicht. Aan de hand van voorbeelden uit Delfos' eigen praktijk worden de verschillende fasen van behandeling verduidelijkt. Berretty, E., K. Korrelboom, K. (2003) Leven met een ontwijkende persoonlijkheidsstoornis Houten: Bohn Stafleu Van Loghem,176 blz. De ontwijkende persoonlijkheidsstoornis komt niet zo vaak voor: naar schatting bij een half tot één procent van alle mensen. Bij iemand met een ontwijkende per soonlijkheidsstoornis valt in de eerste plaats de sociale fobie op; zo iemand is buitensporig verlegen. Maar het gaat verder. We hebben te maken met iemand die zich eigenlijk nergens en nooit echt op zijn gemak voelt. De gevolgen op de lange duur zijn verstrekkend: er bestaat een groot risico voor allerlei an gstklachten, depressiviteit en misbruik van middelen zoals alcohol. Dit heeft ermee te mak en dat iemand met deze stoornis moeite heeft om bronnen van stress in zijn leven effectief aan te pakken en weinig sociale steun heeft in zijn directe omgeving. Voor dit type mensen ligt de drempel om professionele hulp te zoeken extra hoog; er wordt nodeloos lang gewacht en getalmd. Maar liefst tien procent van de mensen die om de meest uiteenlopende redenen professionele hulp zoeken, blijkt tegelijke rtijd ook te lijden aan een, meestal al veel langer bestaande, ontwijkende persoonlijkheidss toornis. Klumper, Harry, J. M., (2003) De man die bang was voor visjes Over verborgen angsten en dwangstoornisen Amsterdam: SWP,144 blz. Als je voortdurend de neiging hebt om je ontlasting te controleren op aanwezigheid van witte pitjes en als je daarbij je vrouw inschakelt om, met gebruik van vork en zaklantaarn, je oordeel bevestigd te krijgen, dan heb je een probleem. Zo ook als je bang bent voor bloed of sperma, en wel zodanig dat je niet meer uit eten durft te gaan, omdat de kok misschien wel in zijn vingers heeft gesneden of omdat hij het mogelijk niet zo nauw genomen heeft met de hygiëne na gebruik van het toilet. In zulke gevallen spreken we van een angststoornis. En hoewel tegenwoordig iets als hoogtevrees algemeen aanvaard is, zijn er nog vele angsten waar een taboe op rust. Angsten waar men niet over spreekt, maar des te meer onder lijdt. Bijna tien procent van de bevolking lijdt op enigerlei wijze aan een angststoornis. Onder hen zijn velen die er pas na jaren over durven te spreken. Mensen met angstklachten zullen zich in de verhalen in dit boek kunnen herkennen. Door de ontdekking kennelijk niet de enige te zijn, kan een weg vrij worden gemaakt om over de angstklachten te spreken. Diverse angststoornissen komen aan de orde in dit boek waarbij ook de behandelvormen aandacht krijgen die bij dergelijke klachten worden ingezet. De auteur heeft niet de bedoeling gehad een zelfhulpboek te schrijven, wel om helderheid te verschaffen over diverse begrippen, die samenhangen met angststoornissen en hun behandeling, waardoor dit boek ook uitermate geschikt is voor lezers die zelf geen last hebben van dergelijke angsten, maar wel mensen kennen in hun directe omgeving die hiermee kampen Cautaert, S., Dupont, V. & Ideler, 1. (2001) Weerbaarheid van jongeren. Denk- en doeboek. Antwerpen-Apeldoorn: Garant Uitgevers nv413 blz. Voor heel wat jongeren is het pad naar volwassenheid bezaaid met hindernissen. Ze worden depressief, gebruiken drugs, verminken zichzelf, stoppen met eten, worden agressief en gewelddadig. Ze proberen te 'overleven' in een voor hen moeilijke samenleving. Vanuit een fundamenteel gebrek aan zelfrespect, eigenwaarde en zelfvertrouwen en weinig verbondenheid met anderen, hebben ze vaak nauwelijks controle over emoties als angst, kwaadheid, verdriet of pijn. Soms worden ze geïntimideerd, gepest, aangerand, misbruikt, mishandeld. Andere jongeren gaan zelf over tot intimideren, pesten, aanranden, misbruiken. Door met jongeren te werken aan weerbaarheid -zelfrespect, emoties, grenzen zullen ze zich beter voelen in hun vel en vertrouwen krijgen in hun eigen mogelijkheden. Dat heeft een remmend effect op het stijgende agressieve en zgn. anti-sociale gedrag van jongeren. Het boek, dat een denk en een doedeel bevat, is bestemd voor iedereen die met jongeren te maken heeft: jeugdwerkers, leerkrachten, hulpverleners, opvoeders, vormingswerkers, therapeuten. Het kan zeker ook ouders helpen om meer inzicht te krijgen in deze problematiek. |
